HO
- Startpagina HO
- Algemene info HO
- Graduaatsopleidingen
- HBO5 Verpleegkunde
- Professionele bachelor
- Academische bachelor
- Ba-na-Ba
- Master
- Ma-na-Ma
- Postgraduaat
- Schakelprogramma's
- Studierendement
- Zoeken via alfabet
- Zoeken via belangstelling
- Zoeken via studiegebied
- Zoeken via schoolvakken
- Zoeken via instelling
- Zoeken via campussen
- Zoeken via provincie
- Zoeken via trefwoorden
- Zoeken via onderwijstaal
- Keuzetrajecten HO
- Flexibel studeren
- Functiebeperking en HO
- Recht op vrijstellingen?
- Zelftests
- Keuzerooster
- Buiten Vlaanderen
- International students
- Instellingen HO
- Bacheloropleidingen
- Leerkrediet
- Studentenhuizen
- SID-in's
- Studievoortgang
- Stoppen in HO
- Veranderen in HO
- Rapport schoolverlaters VDAB
- Deeltijds Kunstonderwijs
- Linken
- Downloads
- Moeilijke woorden
Farmaceutische wetenschappen - Academische bachelor
De farmacie is de studie van de geneesmiddelen en dit naar structuur, fysisch-chemische eigenschappen, bereidingswijze, toedieningsvormen en werking.
Het is in feite een combinatie van biologie, scheikunde en geneeskunde.
In het 1ste bachelorjaar verwerf je naast algemene competenties (kritische informatieverwerving, rapportering, …) grondige wetenschappelijke competentie door vakken als wiskunde, fysica, chemie, biologie.
In het 2de jaar wordt de opgedane basiskennis gevat vanuit een farmaceutisch perspectief met vakken als medische biochemie, biofysica, fysiologie.
In het 3de bachelorjaar ligt het accent volledig op de farmaceutische kennis (farmaceutische biotechnologie, farmacologie, farmacotherapie, …).
De bacheloropleiding is volledig gemeenschappelijk.
Vanaf het 1ste masterjaar moet worden gekozen tussen:
- Farmaceutische zorg
- Geneesmiddelenontwikkeling
Beide opleidingen leiden tot de titel van ‘apotheker’.
De Master in de farmaceutische zorg vormt je vooral tot een expert in de werking en het gebruik van geneesmiddelen.
Het is een maatschappelijk gerichte opleiding die je voorbereidt op een functie in een openbare of een ziekenhuisapotheek.
Hierbij staat de wisselwerking tussen geneesmiddel, patiënt en andere zorgverstrekkers centraal.
De Master in de geneesmiddelenontwikkeling is een meer exact-wetenschappelijke of industrie gerichte opleiding in farmaceutische technologie, analyse van geneesmiddelen, drug-design of moleculaire biologie.
De master is gericht op een latere functie in het wetenschappelijk onderzoek of de farmaceutische industrie.
Voor wie?
Omdat de scheikundige disciplines een belangrijke basis vormen van de studie voor apotheker zowel in de bacheloropleiding (bv. algemene chemie) als in de masteropleiding (bv. medicinale chemie) is interesse en aanleg voor chemie, maar ook voor andere exacte wetenschappen, een belangrijke vereiste.
Je moet vaardig zijn en nauwkeurig kunnen werken. Besef dat het aantal uren dat je in een laboratorium doorbrengt een groot deel van je studietijd zal innemen.
Theoretisch is het vertrekpunt bij de aanvang van de apothekersstudie ‘nul’.
Toch dient aangestipt dat de meeste docenten ervan uitgaan dat je reeds enige voorkennis hebt en dat een aantal begrippen je niet onbekend zijn (cfr. het overbruggingsonderwijs in september).
Een mogelijke hindernis is bovendien het hogere tempo waaraan de te studeren materie wordt aangeboden en het veel uitgebreider volume van de leerstof in vergelijking met het secundair onderwijs.
Als je voor het beroep van apotheker opteert, moet je beschikken over een aantal karakteristieken en eigenschappen, die de ‘all round’ apotheker sieren, zoals zin voor verantwoordelijkheid en precisie, interesse voor sociaal contact, organisatievermogen, creativiteit, interesse voor research en ook voor informatica.
De universiteiten organiseren voor kandidaat-studenten een ijkingstoets.
De ijkingstoets is bedoeld om je te helpen bij de overgang van secundair naar academisch onderwijs.
Met deze toets ontdek je of je de noodzakelijke wiskundige en wetenschappelijke vaardigheden hebt om te starten in een opleiding farmaceutische wetenschappen.
De toets is gebaseerd op leerstof van de richtingen uit het secundair onderwijs met 6 uur wiskunde en met 1 uur chemie. De toets peilt zowel naar wiskundevaardigheden en begrippenkennis, als naar inzicht in chemie.
De toets is gratis en niet verplicht. Wie wil deelnemen moet zich wel vooraf inschrijven!
Voor info: http://www.ijkingstoets.be
Aanvullende info:
Studiepunten
180 (bachelor) + 120 (master)
Farmaceutische wetenschappen - Academische bachelor |
|
Algemene info
De farmacie is de studie van de geneesmiddelen en dit naar structuur, fysisch-chemische eigenschappen, bereidingswijze, toedieningsvormen en werking.
Het is in feite een combinatie van biologie, scheikunde en geneeskunde.
In het 1ste bachelorjaar verwerf je naast algemene competenties (kritische informatieverwerving, rapportering, …) grondige wetenschappelijke competentie door vakken als wiskunde, fysica, chemie, biologie.
In het 2de jaar wordt de opgedane basiskennis gevat vanuit een farmaceutisch perspectief met vakken als medische biochemie, biofysica, fysiologie.
In het 3de bachelorjaar ligt het accent volledig op de farmaceutische kennis (farmaceutische biotechnologie, farmacologie, farmacotherapie, …).
De bacheloropleiding is volledig gemeenschappelijk.
Vanaf het 1ste masterjaar moet worden gekozen tussen:
- Farmaceutische zorg
- Geneesmiddelenontwikkeling
Beide opleidingen leiden tot de titel van ‘apotheker’.
De Master in de farmaceutische zorg vormt je vooral tot een expert in de werking en het gebruik van geneesmiddelen.
Het is een maatschappelijk gerichte opleiding die je voorbereidt op een functie in een openbare of een ziekenhuisapotheek.
Hierbij staat de wisselwerking tussen geneesmiddel, patiënt en andere zorgverstrekkers centraal.
De Master in de geneesmiddelenontwikkeling is een meer exact-wetenschappelijke of industrie gerichte opleiding in farmaceutische technologie, analyse van geneesmiddelen, drug-design of moleculaire biologie.
De master is gericht op een latere functie in het wetenschappelijk onderzoek of de farmaceutische industrie.
Voor wie?
Omdat de scheikundige disciplines een belangrijke basis vormen van de studie voor apotheker zowel in de bacheloropleiding (bv. algemene chemie) als in de masteropleiding (bv. medicinale chemie) is interesse en aanleg voor chemie, maar ook voor andere exacte wetenschappen, een belangrijke vereiste.
Je moet vaardig zijn en nauwkeurig kunnen werken. Besef dat het aantal uren dat je in een laboratorium doorbrengt een groot deel van je studietijd zal innemen.
Theoretisch is het vertrekpunt bij de aanvang van de apothekersstudie ‘nul’.
Toch dient aangestipt dat de meeste docenten ervan uitgaan dat je reeds enige voorkennis hebt en dat een aantal begrippen je niet onbekend zijn (cfr. het overbruggingsonderwijs in september).
Een mogelijke hindernis is bovendien het hogere tempo waaraan de te studeren materie wordt aangeboden en het veel uitgebreider volume van de leerstof in vergelijking met het secundair onderwijs.
Als je voor het beroep van apotheker opteert, moet je beschikken over een aantal karakteristieken en eigenschappen, die de ‘all round’ apotheker sieren, zoals zin voor verantwoordelijkheid en precisie, interesse voor sociaal contact, organisatievermogen, creativiteit, interesse voor research en ook voor informatica.
De universiteiten organiseren voor kandidaat-studenten een ijkingstoets.
De ijkingstoets is bedoeld om je te helpen bij de overgang van secundair naar academisch onderwijs.
Met deze toets ontdek je of je de noodzakelijke wiskundige en wetenschappelijke vaardigheden hebt om te starten in een opleiding farmaceutische wetenschappen.
De toets is gebaseerd op leerstof van de richtingen uit het secundair onderwijs met 6 uur wiskunde en met 1 uur chemie. De toets peilt zowel naar wiskundevaardigheden en begrippenkennis, als naar inzicht in chemie.
De toets is gratis en niet verplicht. Wie wil deelnemen moet zich wel vooraf inschrijven!
Voor info: http://www.ijkingstoets.be
Studiepunten
180 (bachelor) + 120 (master)
Instellingen die de opleiding organiseren zonder keuzetraject(en):
TOELATINGSVOORWAARDEN
Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:
- een diploma van secundair onderwijs;
- een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
- een diploma of certificaat, uitgereikt in het kader van het hoger beroepsonderwijs (HBO5 Verpleegkunde en Graduaatsopleidingen);
- een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
- een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.
Uitzonderingen:
- Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
- Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
- Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de opleidingen die leiden tot de titel van Industrieel ingenieur (industriële wetenschappen, biowetenschappen en bio-industriële wetenschappen) en de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.
Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!
Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten
De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Situering
Opleiding: Farmaceutische wetenschappen
Studieniveau: Academische bachelor - HO
Specificatie: Bachelor of Science
Studiegebied: Farmaceutische wetenschappen
Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Medische activiteiten,
Schoolvakken SO: Apotheek, Chemie, Wetenschappen,
Vervolgopleidingen
een masteropleiding
Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.
Masteropleidingen binnen dit studiegebied
een postgraduaat
Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.
een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)
Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.
een verkorte bachelor/master
Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt
dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig
bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.
Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.
een lerarenopleiding
Na een academische bachelor kan je via een verkorte educatieve bacheloropleiding leraar worden. Deze opleiding neemt 60 studiepunten in beslag en wordt georganiseerd door een hogeschool. Meer info.
na- of bijscholingen
Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.
Instellingen
Laarbeeklaan 103 1090 Jette
02 629 20 10![]()
![]()
Prinsstraat 13 2000 Antwerpen
03 265 48 72![]()
![]()
Naamsestraat 22 3000 Leuven
016 32 40 10![]()
![]()
Sint-Pietersnieuwstraat 33 9000 Gent
09 331 00 31![]()
![]()
Beroepsuitwegen
Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.
De jobinvulling is sterk afhankelijk van waar de master in de Farmaceutische wetenschappen terechtkomt: in een apotheek, in een bedrijf, in het wetenschappelijk onderzoek, op een ministerie.
De apotheker in een officina is de eindverantwoordelijke in de geneesmiddelensector: hij levert de medicatie, geeft informatie en advies over het gebruik en volgt het verdere verloop van de behandeling op.
Omwille van de vestigingswetgeving zijn de kansen op een eigen apotheek eerder beperkt, hoewel er uiteraard tewerkstellingsmogelijkheden als apotheker in een apotheek blijven, maar dan in loondienst.
De apotheker in het wetenschappelijk onderzoek bestudeert oorzaken en gevolgen van velerlei aandoeningen en zoekt naar oplossingen.
De apotheker in de farmaceutische industrie doet onderzoek naar geneesmiddelen en is ook belast met toezicht op fabricage en kwaliteitscontrole.
Er zijn zo tal van tewerkstellingsmogelijkheden: coördinerende of onderzoeksfuncties in de farmaceutische industrie, voedingsnijverheid, scheikundige nijverheid, cosmetica, ziekenhuizen (apotheker of wetenschappelijk onderzoeker), overheid (Ministerie van Volkgezondheid of Leefmilieu), openbare diensten, wetenschappelijk onderzoek, onderwijs (mits lerarenopleiding), …
Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer.
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn.
Klik op een beroep voor meer informatie.
Mogelijke beroepen
Apotheker
( knelpuntberoep)
Onderzoeker exacte wetenschappen
Studierendement
Studierichting 3e graad SO | Aantal studenten | Participatie- graad |
Gemiddeld SR |
SR 0% |
SR 1-24% |
SR 25-49% |
SR 50-84% |
SR 85-100% |
SR nvt |
Economie-moderne talen (ASO) | 49 | 0,17% | 28,25% | 12 | 11 | 14 | 6 | 2 | 4 |
Economie-wetenschappen (ASO) | 86 | 3,34% | 52,10% | 7 | 20 | 17 | 22 | 20 | |
Farmaceutisch-technisch assistent (TSO) | 57 | 6,88% | 24,59% | 11 | 19 | 15 | 7 | 5 | |
Grieks-wiskunde (ASO) | 51 | 3,43% | 81,47% | 1 | 2 | 6 | 10 | 28 | 4 |
Humane wetenschappen (ASO) | 39 | 0,15% | 36,63% | 2 | 13 | 8 | 5 | 3 | 8 |
Latijn-moderne talen (ASO) | 34 | 0,39% | 46,98% | 4 | 6 | 10 | 5 | 6 | 3 |
Latijn-wetenschappen (ASO) | 510 | 7,68% | 69,99% | 13 | 55 | 58 | 130 | 225 | 29 |
Latijn-wiskunde (ASO) | 476 | 4,10% | 78,24% | 4 | 28 | 55 | 105 | 262 | 22 |
Moderne talen-wetenschappen (ASO) | 436 | 4,23% | 55,41% | 21 | 93 | 77 | 104 | 122 | 19 |
Sportwetenschappen (ASO) | 38 | 1,26% | 50,27% | 4 | 9 | 5 | 10 | 8 | 2 |
Techniek-wetenschappen (TSO) | 73 | 1,64% | 54,67% | 1 | 18 | 12 | 20 | 19 | 3 |
Wetenschappen-wiskunde (ASO) | 1849 | 5,05% | 72,35% | 47 | 176 | 239 | 416 | 905 | 66 |
Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.
Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het
studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het
hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van
het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten
(waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%,
50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student
zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% =
de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten
waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze
secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.
Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:
- ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
- VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
- met een DIPLOMACONTRACT,
- aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.
Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich
inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire
studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.
Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire
studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer
tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.
bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming
Gegevens bijgewerkt tot 14-02-2020 |
Farmaceutische wetenschappen - Academische bachelor |
|
Algemene info
De farmacie is de studie van de geneesmiddelen en dit naar structuur, fysisch-chemische eigenschappen, bereidingswijze, toedieningsvormen en werking.
Het is in feite een combinatie van biologie, scheikunde en geneeskunde.
In het 1ste bachelorjaar verwerf je naast algemene competenties (kritische informatieverwerving, rapportering, …) grondige wetenschappelijke competentie door vakken als wiskunde, fysica, chemie, biologie.
In het 2de jaar wordt de opgedane basiskennis gevat vanuit een farmaceutisch perspectief met vakken als medische biochemie, biofysica, fysiologie.
In het 3de bachelorjaar ligt het accent volledig op de farmaceutische kennis (farmaceutische biotechnologie, farmacologie, farmacotherapie, …).
De bacheloropleiding is volledig gemeenschappelijk.
Vanaf het 1ste masterjaar moet worden gekozen tussen:
- Farmaceutische zorg
- Geneesmiddelenontwikkeling
Beide opleidingen leiden tot de titel van ‘apotheker’.
De Master in de farmaceutische zorg vormt je vooral tot een expert in de werking en het gebruik van geneesmiddelen.
Het is een maatschappelijk gerichte opleiding die je voorbereidt op een functie in een openbare of een ziekenhuisapotheek.
Hierbij staat de wisselwerking tussen geneesmiddel, patiënt en andere zorgverstrekkers centraal.
De Master in de geneesmiddelenontwikkeling is een meer exact-wetenschappelijke of industrie gerichte opleiding in farmaceutische technologie, analyse van geneesmiddelen, drug-design of moleculaire biologie.
De master is gericht op een latere functie in het wetenschappelijk onderzoek of de farmaceutische industrie.
Voor wie?
Omdat de scheikundige disciplines een belangrijke basis vormen van de studie voor apotheker zowel in de bacheloropleiding (bv. algemene chemie) als in de masteropleiding (bv. medicinale chemie) is interesse en aanleg voor chemie, maar ook voor andere exacte wetenschappen, een belangrijke vereiste.
Je moet vaardig zijn en nauwkeurig kunnen werken. Besef dat het aantal uren dat je in een laboratorium doorbrengt een groot deel van je studietijd zal innemen.
Theoretisch is het vertrekpunt bij de aanvang van de apothekersstudie ‘nul’.
Toch dient aangestipt dat de meeste docenten ervan uitgaan dat je reeds enige voorkennis hebt en dat een aantal begrippen je niet onbekend zijn (cfr. het overbruggingsonderwijs in september).
Een mogelijke hindernis is bovendien het hogere tempo waaraan de te studeren materie wordt aangeboden en het veel uitgebreider volume van de leerstof in vergelijking met het secundair onderwijs.
Als je voor het beroep van apotheker opteert, moet je beschikken over een aantal karakteristieken en eigenschappen, die de ‘all round’ apotheker sieren, zoals zin voor verantwoordelijkheid en precisie, interesse voor sociaal contact, organisatievermogen, creativiteit, interesse voor research en ook voor informatica.
De universiteiten organiseren voor kandidaat-studenten een ijkingstoets.
De ijkingstoets is bedoeld om je te helpen bij de overgang van secundair naar academisch onderwijs.
Met deze toets ontdek je of je de noodzakelijke wiskundige en wetenschappelijke vaardigheden hebt om te starten in een opleiding farmaceutische wetenschappen.
De toets is gebaseerd op leerstof van de richtingen uit het secundair onderwijs met 6 uur wiskunde en met 1 uur chemie. De toets peilt zowel naar wiskundevaardigheden en begrippenkennis, als naar inzicht in chemie.
De toets is gratis en niet verplicht. Wie wil deelnemen moet zich wel vooraf inschrijven!
Voor info: http://www.ijkingstoets.be
Studiepunten
180 (bachelor) + 120 (master)
Instellingen die de opleiding organiseren zonder keuzetraject(en):
TOELATINGSVOORWAARDEN
Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:
- een diploma van secundair onderwijs;
- een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
- een diploma of certificaat, uitgereikt in het kader van het hoger beroepsonderwijs (HBO5 Verpleegkunde en Graduaatsopleidingen);
- een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
- een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.
Uitzonderingen:
- Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
- Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
- Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de opleidingen die leiden tot de titel van Industrieel ingenieur (industriële wetenschappen, biowetenschappen en bio-industriële wetenschappen) en de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.
Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!
Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten
De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Situering
Opleiding: Farmaceutische wetenschappen
Studieniveau: Academische bachelor - HO
Specificatie: Bachelor of Science
Studiegebied: Farmaceutische wetenschappen
Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Medische activiteiten,
Schoolvakken SO: Apotheek, Chemie, Wetenschappen,
Vervolgopleidingen
een masteropleiding
Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.
Masteropleidingen binnen dit studiegebied
een postgraduaat
Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.
een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)
Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.
een verkorte bachelor/master
Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt
dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig
bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.
Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.
een lerarenopleiding
Na een academische bachelor kan je via een verkorte educatieve bacheloropleiding leraar worden. Deze opleiding neemt 60 studiepunten in beslag en wordt georganiseerd door een hogeschool. Meer info.
na- of bijscholingen
Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.
Instellingen
Laarbeeklaan 103 1090 Jette
02 629 20 10![]()
![]()
Prinsstraat 13 2000 Antwerpen
03 265 48 72![]()
![]()
Naamsestraat 22 3000 Leuven
016 32 40 10![]()
![]()
Sint-Pietersnieuwstraat 33 9000 Gent
09 331 00 31![]()
![]()
Beroepsuitwegen
Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.
De jobinvulling is sterk afhankelijk van waar de master in de Farmaceutische wetenschappen terechtkomt: in een apotheek, in een bedrijf, in het wetenschappelijk onderzoek, op een ministerie.
De apotheker in een officina is de eindverantwoordelijke in de geneesmiddelensector: hij levert de medicatie, geeft informatie en advies over het gebruik en volgt het verdere verloop van de behandeling op.
Omwille van de vestigingswetgeving zijn de kansen op een eigen apotheek eerder beperkt, hoewel er uiteraard tewerkstellingsmogelijkheden als apotheker in een apotheek blijven, maar dan in loondienst.
De apotheker in het wetenschappelijk onderzoek bestudeert oorzaken en gevolgen van velerlei aandoeningen en zoekt naar oplossingen.
De apotheker in de farmaceutische industrie doet onderzoek naar geneesmiddelen en is ook belast met toezicht op fabricage en kwaliteitscontrole.
Er zijn zo tal van tewerkstellingsmogelijkheden: coördinerende of onderzoeksfuncties in de farmaceutische industrie, voedingsnijverheid, scheikundige nijverheid, cosmetica, ziekenhuizen (apotheker of wetenschappelijk onderzoeker), overheid (Ministerie van Volkgezondheid of Leefmilieu), openbare diensten, wetenschappelijk onderzoek, onderwijs (mits lerarenopleiding), …
Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer.
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn.
Klik op een beroep voor meer informatie.
Mogelijke beroepen
Apotheker
( knelpuntberoep)
Onderzoeker exacte wetenschappen
Studierendement
Studierichting 3e graad SO | Aantal studenten | Participatie- graad |
Gemiddeld SR |
SR 0% |
SR 1-24% |
SR 25-49% |
SR 50-84% |
SR 85-100% |
SR nvt |
Economie-moderne talen (ASO) | 49 | 0,17% | 28,25% | 12 | 11 | 14 | 6 | 2 | 4 |
Economie-wetenschappen (ASO) | 86 | 3,34% | 52,10% | 7 | 20 | 17 | 22 | 20 | |
Farmaceutisch-technisch assistent (TSO) | 57 | 6,88% | 24,59% | 11 | 19 | 15 | 7 | 5 | |
Grieks-wiskunde (ASO) | 51 | 3,43% | 81,47% | 1 | 2 | 6 | 10 | 28 | 4 |
Humane wetenschappen (ASO) | 39 | 0,15% | 36,63% | 2 | 13 | 8 | 5 | 3 | 8 |
Latijn-moderne talen (ASO) | 34 | 0,39% | 46,98% | 4 | 6 | 10 | 5 | 6 | 3 |
Latijn-wetenschappen (ASO) | 510 | 7,68% | 69,99% | 13 | 55 | 58 | 130 | 225 | 29 |
Latijn-wiskunde (ASO) | 476 | 4,10% | 78,24% | 4 | 28 | 55 | 105 | 262 | 22 |
Moderne talen-wetenschappen (ASO) | 436 | 4,23% | 55,41% | 21 | 93 | 77 | 104 | 122 | 19 |
Sportwetenschappen (ASO) | 38 | 1,26% | 50,27% | 4 | 9 | 5 | 10 | 8 | 2 |
Techniek-wetenschappen (TSO) | 73 | 1,64% | 54,67% | 1 | 18 | 12 | 20 | 19 | 3 |
Wetenschappen-wiskunde (ASO) | 1849 | 5,05% | 72,35% | 47 | 176 | 239 | 416 | 905 | 66 |
Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.
Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het
studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het
hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van
het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten
(waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%,
50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student
zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% =
de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten
waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze
secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.
Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:
- ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
- VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
- met een DIPLOMACONTRACT,
- aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.
Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich
inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire
studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.
Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire
studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer
tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.
bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming
Gegevens bijgewerkt tot 14-02-2020 |